Bijlage A

Notitie toevoegen
Annuleren
Document toevoegen

Toegestaan: documenten (PDF, Word en Excel) en afbeeldingen (.png, .gif en .jpg). De maximale grootte per bestand is 5 MB.

Annuleren
(normatief)

Referentiebeheersdoelstellingen en -maatregelen

De beheersdoelstellingen en beheersmaatregelen die zijn opgenomen in tabel A.1, zijn overgenomen uit NEN 7510-2 21), hoofdstukken 5 tot en met 18, en moeten worden gebruikt in samenhang met 6.1.3.
In die laatste internationale norm zijn zorgspecifieke aanscherpingen van het dwingende moeten (shall) voorzien op basis van een universele risicobeoordeling voor de zorg. Aangezien in de systematiek van deze NEN 7510 een verklaring van toepasselijkheid ( 6.1.3 van deel 1) de selectie van beheersmaatregelen bepaalt, is die formuleringswijze hier niet overgenomen.
In deel 2 staan immers ‘best practices’ of richtlijnen om aan de doelvoorschriften te voldoen. Dit zijn mogelijke keuzes, dus in deel 2 staan de beheersmaatregelen niet normatief beschreven; er staat dus geen moeten, maar er staat behoren.
Daarin ligt ook het verschil met de doelvoorschriften in deze bijlage. Zorginstellingen moeten deze doelvoorschriften selecteren op basis van de risicoanalyse en dit vastleggen in de verklaring van toepasselijkheid en daarmee kunnen aantonen dat de doelvoorschriften wel of niet van toepassing zijn. In deze bijlage A staan de beheersmaatregelen daarom wel normatief beschreven (moeten en niet behoren).
Tabel A.1Beheersdoelstellingen en beheersmaatregelen
A.5 Informatiebeveiligingsbeleid
A.5.1 Aansturing door de directie van de informatiebeveiliging
Doelstelling: Het verschaffen van directieaansturing van en -steun voor informatiebeveiliging in overeenstemming met bedrijfseisen en relevante wet- en regelgeving.
A.5.1.1 Beleidsregels voor informatiebeveiliging Beheersmaatregel
Ten behoeve van informatiebeveiliging moet een reeks beleidsregels worden gedefinieerd, goedgekeurd door de directie, gepubliceerd en gecommuniceerd aan medewerkers en relevante externe partijen.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties moeten beschikken over een schriftelijk informatiebeveiligingsbeleid dat door het management wordt goedgekeurd, wordt gepubliceerd en vervolgens wordt gecommuniceerd aan alle werknemers en relevante externe partijen.
A.5.1.2 Beoordeling van het informatiebeveiligingsbeleid Beheersmaatregel
Het beleid voor informatiebeveiliging moet met geplande tussenpozen of als zich significante veranderingen voordoen, worden beoordeeld om te waarborgen dat het voortdurend passend, adequaat en doeltreffend is.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Het informatiebeveiligingsbeleid moet aan voortdurende, gefaseerde beoordelingen worden onderworpen zodat het volledige beleid ten minste eenmaal per jaar wordt beoordeeld. Het beleid moet worden beoordeeld als er zich een ernstig beveiligingsincident heeft voorgedaan.
A.6 Organiseren van informatiebeveiliging
A.6.1 Interne organisatie
Doelstelling: Een beheerkader vaststellen om de implementatie en uitvoering van de informatiebeveiliging binnen de organisatie te initiëren en te beheersen.
A.6.1.1 Rollen en verantwoordelijkheden bij informatiebeveiliging Beheersmaatregel
Alle verantwoordelijkheden bij informatiebeveiliging moeten worden gedefinieerd en toegewezen.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties moeten:
  • a) duidelijk verantwoordelijkheden op het gebied van informatiebeveiliging definiëren en toewijzen;
  • b) over een informatiebeveiligingsmanagementforum (IBMF) beschikken om te garanderen dat er duidelijke aansturing en zichtbare ondersteuning vanuit het management is voor beveiligingsinitiatieven die betrekking hebben op de beveiliging van gezondheidsinformatie, zoals beschreven in B.3 en B.4 van bijlage B (NEN 7510-2).
Er moet minimaal één individu verantwoordelijk zijn voor beveiliging van gezondheidsinformatie binnen de organisatie.
Het gezondheidsinformatiebeveiligingsforum moet regelmatig, maandelijks of bijna maandelijks, vergaderen. (Het is meestal het effectiefst als het forum vergadert op een tijdstip halverwege tussen twee vergaderingen van het bestuursorgaan waaraan het forum rapporteert. Zo kunnen urgente zaken binnen een korte periode in een geschikte vergadering worden besproken.)
Er moet een formele verklaring van het toepassingsgebied worden geproduceerd waarin de grens wordt gedefinieerd van nalevingsactiviteiten wat betreft mensen, processen, plekken, platformen en toepassingen.
A.6.1.2 Scheiding van taken Beheersmaatregel
Conflicterende taken en verantwoordelijkheden moeten worden gescheiden om de kans op onbevoegd of onbedoeld wijzigen of misbruik van de bedrijfsmiddelen van de organisatie te verminderen.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties moeten, indien dit haalbaar is, plichten en verantwoordelijkheidsgebieden scheiden om de kansen te verkleinen van onbevoegde wijziging of misbruik van persoonlijke gezondheidsinformatie.
A.6.1.3 Contact met overheidsinstanties Beheersmaatregel
Er moeten passende contacten met relevante overheidsinstanties worden onderhouden.
A.6.1.4 Contact met speciale belangengroepen Beheersmaatregel
Er moeten passende contacten met speciale belangengroepen of andere gespecialiseerde beveiligingsfora en professionele organisaties worden onderhouden.
A.6.1.5 Informatiebeveiliging in projectbeheer Beheersmaatregel
Informatiebeveiliging moet aan de orde komen in projectbeheer, ongeacht het soort project.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Bij het management van projecten moet de patiëntveiligheid als projectrisico in aanmerking worden genomen voor elk project dat gepaard gaat met het verwerken van persoonlijke gezondheidsinformatie.
A.6.2 Mobiele apparatuur en telewerken
Doelstelling: Het waarborgen van de veiligheid van telewerken en het gebruik van mobiele apparatuur.
A.6.2.1 Beleid voor mobiele apparatuur Beheersmaatregel
Beleid en ondersteunende beveiligingsmaatregelen moeten worden vastgesteld om de risico’s die het gebruik van mobiele apparatuur met zich meebrengt, te beheren.
A.6.2.2 Telewerken Beheersmaatregel
Beleid en ondersteunende beveiligingsmaatregelen moeten worden geïmplementeerd ter beveiliging van informatie die vanaf telewerklocaties wordt benaderd, verwerkt of opgeslagen.
A.7 Veilig personeel
A.7.1 Voorafgaand aan het dienstverband
Doelstelling: Waarborgen dat medewerkers en contractanten hun verantwoordelijkheden begrijpen en geschikt zijn voor de rollen waarvoor zij in aanmerking komen.
A.7.1.1 Screening Beheersmaatregel
Verificatie van de achtergrond van alle kandidaten voor een dienstverband moet worden uitgevoerd in overeenstemming met relevante wet- en regelgeving en ethische overwegingen en moet in verhouding staan tot de bedrijfseisen, de classificatie van de informatie waartoe toegang wordt verleend, en de vastgestelde risico’s.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties moeten minimaal de identiteit, het huidige adres en de vorige werkkring van personeel en contractanten en vrijwilligers op het moment van de sollicitatie verifiëren.
Verificatiecontroles van de achtergrond van alle kandidaten voor een dienstverband moeten een verificatie omvatten van de toepasselijke kwalificaties voor zorgverleners, indien er sprake is van accreditatie voor de beroepsgroep op basis van die kwalificaties (bijv. artsen, verplegend personeel enz.).
Als een persoon wordt ingehuurd voor een specifieke beveiligingsrol, moet de organisatie zich ervan vergewissen dat:
  • a) de kandidaat over de nodige competentie beschikt om de beveiligingsrol te vervullen;
  • b) de kandidaat de rol kan worden toevertrouwd, in het bijzonder als de rol cruciaal is voor de organisatie.
A.7.1.2 Arbeidsvoorwaarden Beheersmaatregel
De contractuele overeenkomst met medewerkers en contractanten moet hun verantwoordelijkheden voor informatiebeveiliging en die van de organisatie vermelden.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Alle organisaties waarvan personeelsleden betrokken zijn bij het verwerken van persoonlijke gezondheidsinformatie, moeten die betrokkenheid in relevante functieomschrijvingen vastleggen. Beveiligingsrollen en verantwoordelijkheden, zoals vastgelegd in het informatiebeveiligingsbeleid van de organisatie, moeten ook in relevante functieomschrijvingen worden vastgelegd.
Er moet speciale aandacht worden besteed aan de rollen en verantwoordelijkheden van tijdelijk personeel of personeel met een kort dienstverband zoals vervangers, studenten, stagiairs enz.
A.7.2 Tijdens het dienstverband
Doelstelling: Ervoor zorgen dat medewerkers en contractanten zich bewust zijn van hun verantwoordelijkheden op het gebied van informatiebeveiliging en deze nakomen.
A.7.2.1 Directieverantwoordelijkheden Beheersmaatregel
De directie moet van alle medewerkers en contractanten eisen dat ze informatiebeveiliging toepassen in overeenstemming met de vastgestelde beleidsregels en procedures van de organisatie.
A.7.2.2 Bewustzijn, opleiding en training ten aanzien van informatiebeveiliging Beheersmaatregel
Alle medewerkers van de organisatie en, voor zover relevant, contractanten moeten een passende bewustzijnsopleiding en -training krijgen en regelmatige bijscholing van beleidsregels en procedures van de organisatie, voor zover relevant voor hun functie.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten garanderen dat onderwijs en training over informatiebeveiliging worden gegeven bij de introductie van nieuwe medewerkers en dat er regelmatig updates van beveiligingsbeleid en -procedures van de organisatie worden verstrekt aan alle werknemers en, indien relevant, derde-contractanten, onderzoekers, studenten en vrijwilligers die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken.
Werknemers van de organisatie en, waar relevant, derde-contractanten moeten worden gewezen op disciplinaire processen en gevolgen met betrekking tot schendingen van informatiebeveiliging.
A.7.2.3 Disciplinaire procedure Beheersmaatregel
Er moet een formele en gecommuniceerde disciplinaire procedure zijn om actie te ondernemen tegen medewerkers die een inbreuk hebben gepleegd op de informatiebeveiliging.
A.7.3 Beëindiging en wijziging van dienstverband
Doelstelling: Het beschermen van de belangen van de organisatie als onderdeel van de wijzigings- of beëindigingsprocedure van het dienstverband.
A.7.3.1 Beëindiging of wijziging van verantwoordelijkheden van het dienstverband Beheersmaatregel
Verantwoordelijkheden en taken met betrekking tot informatiebeveiliging die van kracht blijven na beëindiging of wijziging van het dienstverband, moeten worden gedefinieerd, gecommuniceerd aan de medewerker of contractant, en ten uitvoer worden gebracht.
A.8 Beheer van bedrijfsmiddelen
A.8.1 Verantwoordelijkheid voor bedrijfsmiddelen
Doelstelling: Bedrijfsmiddelen van de organisatie identificeren en passende verantwoordelijkheden ter bescherming definiëren.
A.8.1.1 Inventariseren van bedrijfsmiddelen Beheersmaatregel
Informatie, andere bedrijfsmiddelen die samenhangen met informatie en informatieverwerkende faciliteiten, moeten worden geïdentificeerd, en van deze bedrijfsmiddelen moet een inventaris worden opgesteld en onderhouden.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten:
  • a) verantwoording afleggen over informatiebedrijfsmiddelen (d.w.z. een inventaris bijhouden van dergelijke bedrijfsmiddelen);
  • b) een eigenaar hebben aangewezen voor deze informatiebedrijfsmiddelen (zie 8.1.2);
  • c) regels hebben voor het aanvaardbare gebruik van deze bedrijfsmiddelen die geïdentificeerd, gedocumenteerd en geïmplementeerd worden.
A.8.1.2 Eigendom van bedrijfsmiddelen Beheersmaatregel
Bedrijfsmiddelen die in het inventarisoverzicht worden bijgehouden, moeten een eigenaar hebben.
A.8.1.3 Aanvaardbaar gebruik van bedrijfsmiddelen Beheersmaatregel
Voor het aanvaardbaar gebruik van informatie en van bedrijfsmiddelen die samenhangen met informatie en informatieverwerkende faciliteiten, moeten regels worden geïdentificeerd, gedocumenteerd en geïmplementeerd.
A.8.1.4 Teruggeven van
bedrijfsmiddelen
Beheersmaatregel
Alle medewerkers en externe gebruikers moeten alle bedrijfsmiddelen van de organisatie die ze in hun bezit hebben, bij beëindiging van hun dienstverband, contract of overeenkomst teruggeven.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Alle werknemers en contractanten moeten, na beëindiging van hun dienstverband, alle persoonlijke gezondheidsinformatie in niet-elektronische vorm die zij in hun bezit hebben, teruggeven en erop toezien dat alle persoonlijke gezondheidsinformatie in elektronische vorm die zij in hun bezit hebben, op relevante systemen wordt bijgewerkt en vervolgens op beveiligde wijze wordt gewist van alle apparaten waarop deze aanwezig was.
A.8.2 Informatieclassificatie
Doelstelling: Bewerkstelligen dat informatie een passend beschermingsniveau krijgt dat in overeenstemming is met het belang ervan voor de organisatie.
A.8.2.1 Classificatie van informatie Beheersmaatregel
Informatie moet worden geclassificeerd met betrekking tot wettelijke eisen, waarde, belang en gevoeligheid voor onbevoegde bekendmaking of wijziging.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten dergelijke gegevens op uniforme wijze als vertrouwelijk classificeren.
A.8.2.2 Informatie labelen Beheersmaatregel
Om informatie te labelen moet een passende reeks procedures worden ontwikkeld en geïmplementeerd in overeenstemming met het informatieclassificatieschema dat is vastgesteld door de organisatie.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Alle gezondheidsinformatiesystemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten de gebruikers wijzen op de vertrouwelijkheid van persoonlijke gezondheidsinformatie die toegankelijk is vanaf het systeem (bijv. bij het opstarten of inloggen), en moeten papieren output als vertrouwelijk labelen als die output persoonlijke gezondheidsinformatie bevat.
A.8.2.3 Behandelen van bedrijfsmiddelen Beheersmaatregel
Procedures voor het behandelen van bedrijfsmiddelen moeten worden ontwikkeld en geïmplementeerd in overeenstemming met het informatieclassificatieschema dat is vastgesteld door de organisatie.
A.8.3 Behandelen van media
Doelstelling: Onbevoegde openbaarmaking, wijziging, verwijdering of vernietiging van informatie die op media is opgeslagen, voorkomen.
A.8.3.1 Beheer van verwijderbare media Beheersmaatregel
Voor het beheren van verwijderbare media moeten procedures worden geïmplementeerd in overeenstemming met het classificatieschema dat door de organisatie is vastgesteld.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Media die persoonlijke gezondheidsinformatie bevatten, moeten fysiek worden beschermd of de gegevens ervan moeten versleuteld worden. De status en locatie van media die niet-versleutelde persoonlijke gezondheidsinformatie bevatten, moeten gemonitord worden.
A.8.3.2 Verwijderen van media Beheersmaatregel
Media moeten op een veilige en beveiligde manier worden verwijderd als ze niet langer nodig zijn, overeenkomstig formele procedures.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Alle persoonlijke gezondheidsinformatie moet veilig worden gewist of anders moeten de media worden vernietigd als ze niet meer gebruikt hoeven te worden.
A.8.3.3 Media fysiek overdragen Beheersmaatregel
Media die informatie bevatten, moeten worden beschermd tegen onbevoegde toegang, misbruik of corruptie tijdens transport.
A.9 Toegangsbeveiliging
A.9.1 Bedrijfseisen voor toegangsbeveiliging
Doelstelling: Toegang tot informatie en informatieverwerkende faciliteiten beperken.
A.9.1.1 Beleid voor toegangsbeveiliging Beheersmaatregel
Een beleid voor toegangsbeveiliging moet worden vastgesteld, gedocumenteerd en beoordeeld op basis van bedrijfs- en informatiebeveiligingseisen.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten de toegang tot dergelijke informatie controleren. In het algemeen moeten de gebruikers van gezondheidsinformatiesystemen hun toegang tot persoonlijke gezondheidsinformatie beperken tot situaties:
  • a) waarin er een zorgrelatie bestaat tussen de gebruiker en de persoon waarop de gegevens betrekking hebben (de cliënt tot wiens persoonlijke gezondheidsinformatie er toegang wordt gemaakt);
  • b) waarin de gebruiker een activiteit uitvoert namens de persoon waarop de gegevens betrekking hebben;
  • c) waarin er specifieke gegevens nodig zijn om deze activiteit te ondersteunen.
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten een toegangscontrolebeleid hebben waarmee de toegang tot deze gegevens wordt geregeld.
Het beleid van de organisatie met betrekking tot toegangscontrole moet worden vastgesteld op basis van vooraf gedefinieerde rollen met bijbehorende bevoegdheden die passen bij, maar beperkt zijn tot, de behoeften van die rol.
Het toegangscontrolebeleid, als bestanddeel van het in 5.1.1 beschreven beleidskader voor informatiebeveiliging, moet professionele, ethische, juridische en cliëntgerelateerde eisen weerspiegelen en moet de taken die worden uitgevoerd door zorgverleners, en de workflow van de taak in aanmerking nemen.
De organisatie moet alle partijen identificeren en documenteren waarmee cliëntgegevens worden uitgewisseld, en met deze partijen moeten contractuele afspraken over toegang en rechten worden gemaakt, alvorens cliëntgegevens uit te wisselen.
A.9.1.2 Toegang tot netwerken en netwerkdiensten Beheersmaatregel
Gebruikers moeten alleen toegang krijgen tot het netwerk en de netwerkdiensten waarvoor zij specifiek bevoegd zijn.
A.9.2 Beheer van toegangsrechten van gebruikers
Doelstelling: Toegang voor bevoegde gebruikers bewerkstelligen en onbevoegde toegang tot systemen en diensten voorkomen.
A.9.2.1 Registratie en afmelden van gebruikers Beheersmaatregel
Een formele registratie- en afmeldingsprocedure moet worden geïmplementeerd om toewijzing van toegangsrechten mogelijk te maken.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
De toegang tot gezondheidsinformatiesystemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moet onderhevig zijn aan een formeel gebruikers­registratie­proces. Procedures voor het registreren van gebruikers moeten garanderen dat het vereiste niveau van authenticatie van de geclaimde identiteit van gebruikers overeenkomt met het (de) toegangsniveau(s) waarover de gebruiker zal gaan beschikken.
De gebruikersregistratiegegevens moeten regelmatig worden beoordeeld om te garanderen dat ze volledig en juist zijn en dat toegang nog altijd vereist is.
A.9.2.2 Gebruikers toegang verlenen Beheersmaatregel
Een formele gebruikerstoegangsverlenings­procedure moet worden geïmplementeerd om toegangsrechten voor alle typen gebruikers en voor alle systemen en diensten toe te wijzen of in te trekken.
A.9.2.3 Beheren van speciale toegangsrechten Beheersmaatregel
Het toewijzen en gebruik van speciale toegangsrechten moeten worden beperkt en beheerst.
A.9.2.4 Beheer van geheime authenticatie-informatie van gebruikers Beheersmaatregel
Het toewijzen van geheime authenticatie-informatie moet worden beheerst via een formeel beheersproces.
A.9.2.5 Beoordeling van toegangsrechten van gebruikers Beheersmaatregel
Eigenaren van bedrijfsmiddelen moeten toegangsrechten van gebruikers regelmatig beoordelen.
A.9.2.6 Toegangsrechten intrekken of aanpassen Beheersmaatregel
De toegangsrechten van alle medewerkers en externe gebruikers voor informatie en informatie­verwerkende faciliteiten moeten bij beëindiging van hun dienstverband, contract of overeenkomst worden verwijderd, en bij wijzigingen moeten ze worden aangepast.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Alle organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten voor elke vertrekkende afdelings- of tijdelijke medewerker, derde-contractant of vrijwilliger zo snel mogelijk na beëindiging van het dienstverband of de werkzaam­heden als contractant of vrijwilliger de toegangsrechten als gebruikers tot dergelijke informatie beëindigen.
A.9.3 Verantwoordelijkheden van gebruikers
Doelstelling: Gebruikers verantwoordelijk maken voor het beschermen van hun authenticatie-informatie.
A.9.3.1 Geheime authenticatie-informatie gebruiken Beheersmaatregel
Van gebruikers moet worden verlangd dat zij zich bij het gebruiken van geheime authenticatie-informatie houden aan de praktijk van de organisatie.
A.9.4 Toegangsbeveiliging van systeem en toepassing
Doelstelling: Onbevoegde toegang tot systemen en toepassingen voorkomen.
A.9.4.1 Beperking toegang tot informatie Beheersmaatregel
Toegang tot informatie en systeemfuncties van toepassingen moet worden beperkt in overeenstemming met het beleid voor toegangsbeveiliging.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Gezondheidsinformatiesystemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten de identiteit van gebruikers vaststellen en dit moet worden gedaan door middel van authenticatie waarbij ten minste twee factoren betrokken worden.
De toegang tot functies van informatie- en toepassingssystemen in verband met het verwerken van persoonlijke gezondheidsinformatie moet geïsoleerd (en gescheiden) worden van de toegang tot informatieverwerkingsinfrastructuur die geen verband houdt met het verwerken van persoonlijke gezondheidsinformatie.
A.9.4.2 Beveiligde inlogprocedures Beheersmaatregel
Indien het beleid voor toegangsbeveiliging dit vereist, moet toegang tot systemen en toepassingen worden beheerst door een beveiligde inlogprocedure.
A.9.4.3 Systeem voor wachtwoordbeheer Beheersmaatregel
Systemen voor wachtwoordbeheer moeten interactief zijn en sterke wachtwoorden waarborgen.
A.9.4.4 Speciale systeemhulpmiddelen gebruiken Beheersmaatregel
Het gebruik van systeemhulpmiddelen die in staat zijn om beheersmaatregelen voor systemen en toepassingen te omzeilen, moet worden beperkt en nauwkeurig worden gecontroleerd.
A.9.4.5 Toegangsbeveiliging op programmabroncode Beheersmaatregel
Toegang tot de programmabroncode moet worden beperkt.
A.10 Cryptografie
A.10.1 Cryptografische beheersmaatregelen
Doelstelling: Zorgen voor correct en doeltreffend gebruik van cryptografie om de vertrouwelijkheid, authenticiteit en/of integriteit van informatie te beschermen.
A.10.1.1 Beleid inzake het gebruik van cryptografische beheersmaatregelen Beheersmaatregel
Ter bescherming van informatie moet een beleid voor het gebruik van cryptografische beheersmaatregelen worden ontwikkeld en geïmplementeerd.
A.10.1.2 Sleutelbeheer Beheersmaatregel
Met betrekking tot het gebruik, de bescherming en de levensduur van cryptografische sleutels moet tijdens hun gehele levenscyclus een beleid worden ontwikkeld en geïmplementeerd.
A.11 Fysieke beveiliging en beveiliging van de omgeving
A.11.1 Beveiligde gebieden
Doelstelling: Onbevoegde fysieke toegang tot, schade aan en interferentie met informatie en informatieverwerkende faciliteiten van de organisatie voorkomen.
A.11.1.1 Fysieke beveiligingszone Beheersmaatregel
Beveiligingszones moeten worden gedefinieerd en gebruikt om gebieden te beschermen die gevoelige of essentiële informatie en informatieverwerkende faciliteiten bevatten.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten gebruikmaken van beveiligde zones om gebieden te beschermen die informatieverwerkingsfaciliteiten bevatten die dergelijke gezondheidstoepassingen ondersteunen. Deze beveiligde gebieden moeten worden beschermd door passende beheersmaatregelen voor de fysieke toegang om ervoor te zorgen dat alleen bevoegd personeel toegang krijgt.
A.11.1.2 Fysieke toegangsbeveiliging Beheersmaatregel
Beveiligde gebieden moeten worden beschermd door passende toegangsbeveiliging om ervoor te zorgen dat alleen bevoegd personeel toegang krijgt.
A.11.1.3 Kantoren, ruimten en faciliteiten beveiligen Beheersmaatregel
Voor kantoren, ruimten en faciliteiten moet fysieke beveiliging worden ontworpen en toegepast.
A.11.1.4 Beschermen tegen bedreigingen van buitenaf Beheersmaatregel
Tegen natuurrampen, kwaadwillige aanvallen of ongelukken moet fysieke bescherming worden ontworpen en toegepast.
A.11.1.5 Werken in beveiligde gebieden Beheersmaatregel
Voor het werken in beveiligde gebieden moeten procedures worden ontwikkeld en toegepast.
A.11.1.6 Laad- en loslocatie Beheersmaatregel
Toegangspunten zoals laad- en loslocaties en andere punten waar onbevoegde personen het terrein kunnen betreden, moeten worden beheerst, en zo mogelijk worden afgeschermd van informatie­verwerkende faciliteiten om onbevoegde toegang te vermijden.
A.11.2 Apparatuur
Doelstelling: Verlies, schade, diefstal of compromittering van bedrijfsmiddelen en onderbreking van de bedrijfsvoering van de organisatie voorkomen.
A.11.2.1 Plaatsing en bescherming van apparatuur Beheersmaatregel
Apparatuur moet zo worden geplaatst en beschermd dat risico’s van bedreigingen en gevaren van buitenaf, alsook de kans op onbevoegde toegang worden verkleind.
A.11.2.2 Nutsvoorzieningen Beheersmaatregel
Apparatuur moet worden beschermd tegen stroomuitval en andere verstoringen die worden veroorzaakt door ontregelingen in nutsvoorzieningen.
A.11.2.3 Beveiliging van bekabeling Beheersmaatregel
Voedings- en telecommunicatiekabels voor het versturen van gegevens of die informatiediensten ondersteunen, moeten worden beschermd tegen interceptie, verstoring of schade.
A.11.2.4 Onderhoud van apparatuur Beheersmaatregel
Apparatuur moet correct worden onderhouden om de continue beschikbaarheid en integriteit ervan te waarborgen.
A.11.2.5 Verwijdering van bedrijfsmiddelen Beheersmaatregel
Apparatuur, informatie en software mogen niet van de locatie worden meegenomen zonder voorafgaande goedkeuring.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die uitrusting, gegevens of software voor het ondersteunen van een zorgtoepassing met persoonlijke gezondheidsinformatie leveren of gebruiken, mogen niet toestaan dat die uitrusting, gegevens of software van de locatie wordt of worden verwijderd of erbinnen wordt of worden verplaatst zonder dat de organisatie hiervoor haar goedkeuring heeft gegeven.
A.11.2.6 Beveiliging van apparatuur en bedrijfsmiddelen buiten het terrein Beheersmaatregel
Bedrijfsmiddelen die zich buiten het terrein bevinden, moeten worden beveiligd, waarbij rekening moet worden gehouden met de verschillende risico’s van werken buiten het terrein van de organisatie.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten garanderen dat het eventuele gebruik buiten hun gebouw van medische apparaten die worden gebruikt om gegevens te registreren of te rapporteren, geautoriseerd is. Dit moet apparatuur omvatten die door werknemers op afstand wordt gebruikt, zelfs indien dit gebruik permanent is (d.w.z. waar het een kernaspect is van de rol van de werknemer, zoals het geval is bij ambulancepersoneel, therapeuten enz.).
A.11.2.7 Veilig verwijderen of hergebruiken van apparatuur Beheersmaatregel
Alle onderdelen van de apparatuur die opslagmedia bevatten, moeten worden geverifieerd om te waarborgen dat gevoelige gegevens en in licentie gegeven software voorafgaand aan verwijdering of hergebruik zijn verwijderd of betrouwbaar veilig zijn overschreven.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die gezondheidsinformatie verwerken, moeten alle media met toepassingssoftware voor gezondheidsinformatie of persoonlijke gezondheidsinformatie erop veilig wissen of vernietigen als ze niet meer gebruikt hoeven te worden.
A.11.2.8 Onbeheerde gebruikersapparatuur Beheersmaatregel
Gebruikers moeten ervoor zorgen dat onbeheerde apparatuur voldoende beschermd is.
A.11.2.9 ‘Clear desk’- en ‘clear screen’-beleid Beheersmaatregel
Er moet een ‘clear desk’-beleid voor papieren documenten en verwijderbare opslagmedia en een ‘clear screen’-beleid voor informatieverwerkende faciliteiten worden ingesteld.
A.12 Beveiliging bedrijfsvoering
A.12.1 Bedieningsprocedures en verantwoordelijkheden
Doelstelling: Correcte en veilige bediening van informatieverwerkende faciliteiten waarborgen.
A.12.1.1 Gedocumenteerde bedieningsprocedures Beheersmaatregel
Bedieningsprocedures moeten worden gedocumenteerd en beschikbaar gesteld aan alle gebruikers die ze nodig hebben.
A.12.1.2 Wijzigingsbeheer Beheersmaatregel
Veranderingen in de organisatie, bedrijfsprocessen, informatieverwerkende faciliteiten en systemen die van invloed zijn op de informatiebeveiliging, moeten worden beheerst.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten de veranderingen aan informatieverwerkingsfaciliteiten en systemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, door middel van een formeel en gestructureerd wijzigingsbeheersproces beheersen om de gepaste beheersing van hosttoepassingen en -systemen en de continuïteit van de cliëntenzorg te garanderen.
A.12.1.3 Capaciteitsbeheer Beheersmaatregel
Het gebruik van middelen moet worden gemonitord en afgestemd, en er moeten verwachtingen worden opgesteld voor toekomstige capaciteitseisen om de vereiste systeemprestaties te waarborgen.
A.12.1.4 Scheiding van ontwikkel-, test- en productieomgevingen Beheersmaatregel
Ontwikkel-, test- en productieomgevingen moeten worden gescheiden om het risico van onbevoegde toegang tot of veranderingen aan de productieomgeving te verlagen.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten ontwikkel- en testomgevingen voor gezondheidsinformatiesystemen die dergelijke informatie verwerken (fysiek of virtueel), scheiden van operationele omgevingen waar die gezondheids­informatiesystemen gehost worden. Er moeten regels voor het migreren van software van de ontwikkel- naar een operationele status worden gedefinieerd en gedocumenteerd door de organisatie die de betreffende toepassing(en) host.
A.12.2 Bescherming tegen malware
Doelstelling: Waarborgen dat informatie en informatieverwerkende faciliteiten beschermd zijn tegen malware.
A.12.2.1 Beheersmaatregelen tegen malware Beheersmaatregel
Ter bescherming tegen malware moeten beheersmaatregelen voor detectie, preventie en herstel worden geïmplementeerd, in combinatie met een passend bewustzijn van gebruikers.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten gepaste preventie-, detectie- en responsbeheersmaatregelen implementeren om bescherming te bieden tegen kwaadaardige software en moeten passende bewustzijnstraining voor gebruikers implementeren.
A.12.3 Back-up
Doelstelling: Beschermen tegen het verlies van gegevens.
A.12.3.1 Back-up van informatie Beheersmaatregel
Regelmatig moeten back-upkopieën van informatie, software en systeemafbeeldingen worden gemaakt en getest in overeenstemming met een overeengekomen back-upbeleid.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten back-ups maken van alle persoonlijke gezondheidsinformatie en deze in een fysiek beveiligde omgeving opslaan om te garanderen dat de informatie in de toekomst beschikbaar is.
Om de vertrouwelijkheid ervan te beschermen moeten er versleutelde back-ups worden gemaakt van persoonlijke gezondheidsinformatie.
A.12.4 Verslaglegging en monitoren
Doelstelling: Gebeurtenissen vastleggen en bewijs verzamelen.
A.12.4.1 Gebeurtenissen registreren Beheersmaatregel
Logbestanden van gebeurtenissen die gebruikers­activiteiten, uitzonderingen en informatie­beveiligings­gebeurtenissen registreren, moeten worden gemaakt, bewaard en regelmatig worden beoordeeld.
A.12.4.2 Beschermen van informatie in logbestanden Beheersmaatregel
Logfaciliteiten en informatie in logbestanden moeten worden beschermd tegen vervalsing en onbevoegde toegang.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Auditverslagen moeten beveiligd zijn en mogen niet gemanipuleerd kunnen worden. De toegang tot hulpmiddelen voor audits van systemen en audittrajecten moet worden beveiligd om misbruik of compromittering te voorkomen.
A.12.4.3 Logbestanden van beheerders en operators Beheersmaatregel
Activiteiten van systeembeheerders en -operators moeten worden vastgelegd en de logbestanden moeten worden beschermd en regelmatig worden beoordeeld.
A.12.4.4 Kloksynchronisatie Beheersmaatregel
De klokken van alle relevante informatieverwerkende systemen binnen een organisatie of beveiligings­domein moeten worden gesynchroniseerd met één referentietijdbron.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Gezondheidsinformatiesystemen die tijdkritische activiteiten voor gedeelde zorg ondersteunen, moeten in tijdssynchronisatiediensten voorzien om het traceren en reconstrueren van de tijdlijnen voor activiteiten waar vereist te ondersteunen.
A.12.5 Beheersing van operationele software
Doelstelling: De integriteit van operationele systemen waarborgen.
A.12.5.1 Software installeren op operationele systemen Beheersmaatregel
Om het op operationele systemen installeren van software te beheersen moeten procedures worden geïmplementeerd.
A.12.6 Beheer van technische kwetsbaarheden
Doelstelling: Benutting van technische kwetsbaarheden voorkomen.
A.12.6.1 Beheer van technische kwetsbaarheden Beheersmaatregel
Informatie over technische kwetsbaarheden van informatiesystemen die worden gebruikt, moet tijdig worden verkregen, de blootstelling van de organisatie aan dergelijke kwetsbaarheden moet worden geëvalueerd en passende maatregelen moeten worden genomen om het risico dat ermee samenhangt, aan te pakken.
A.12.6.2 Beperkingen voor het installeren van software Beheersmaatregel
Voor het door gebruikers installeren van software moeten regels worden vastgesteld en geïmplementeerd.
A.12.7 Overwegingen betreffende audits van informatiesystemen
Doelstelling: De impact van auditactiviteiten op uitvoeringssystemen zo gering mogelijk maken.
A.12.7.1 Beheersmaatregelen betreffende audits van informatiesystemen Beheersmaatregel
Auditeisen en -activiteiten die verificatie van uitvoeringssystemen met zich meebrengen, moeten zorgvuldig worden gepland en afgestemd om bedrijfsprocessen zo min mogelijk te verstoren.
A.13 Communicatiebeveiliging
A.13.1 Beheer van netwerkbeveiliging
Doelstelling: De bescherming van informatie in netwerken en de ondersteunende informatieverwerkende faciliteiten waarborgen.
A.13.1.1 Beheersmaatregelen voor netwerken Beheersmaatregel
Netwerken moeten worden beheerd en beheerst om informatie in systemen en toepassingen te beschermen.
A.13.1.2 Beveiliging van netwerkdiensten Beheersmaatregel
Beveiligingsmechanismen, dienstverleningsniveaus en beheerseisen voor alle netwerkdiensten moeten worden geïdentificeerd en opgenomen in overeenkomsten betreffende netwerkdiensten. Dit geldt zowel voor diensten die intern worden geleverd als voor uitbestede diensten.
A.13.1.3 Scheiding in netwerken Beheersmaatregel
Groepen van informatiediensten, -gebruikers en -systemen moeten in netwerken worden gescheiden.
A.13.2 Informatietransport
Doelstelling: Handhaven van de beveiliging van informatie die wordt uitgewisseld binnen een organisatie en met een externe entiteit.
A.13.2.1 Beleid en procedures voor informatietransport Beheersmaatregel
Ter bescherming van het informatietransport, dat via alle soorten communicatiefaciliteiten verloopt, moeten formele beleidsregels, procedures en beheersmaatregelen voor transport van kracht zijn.
A.13.2.2 Overeenkomsten over informatietransport Beheersmaatregel
Overeenkomsten moeten betrekking hebben op het beveiligd transporteren van bedrijfsinformatie tussen de organisatie en externe partijen.
A.13.2.3 Elektronische berichten Beheersmaatregel
Informatie die is opgenomen in elektronische berichten, moet passend beschermd zijn.
A.13.2.4 Vertrouwelijkheids- of geheimhoudingsovereenkomst Beheersmaatregel
Eisen voor vertrouwelijkheids- of geheimhoudingsovereenkomsten die de behoeften van de organisatie betreffende het beschermen van informatie weerspiegelen, moeten worden vastgesteld, regelmatig worden beoordeeld en gedocumenteerd.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten beschikken over een vertrouwelijkheidsovereenkomst waarin de vertrouwelijke aard van deze informatie staat omschreven. De overeenkomst moet van toepassing zijn op al het personeel dat toegang heeft tot gezondheidsinformatie.
A.14 Acquisitie, ontwikkeling en onderhoud van informatiesystemen
A.14.1 Beveiligingseisen voor informatiesystemen
Doelstelling: Waarborgen dat informatiebeveiliging integraal deel uitmaakt van informatiesystemen in de gehele levenscyclus. Hiertoe behoren ook de eisen voor informatiesystemen die diensten verlenen via openbare netwerken.
A.14.1.1 Analyse en specificatie van informatiebeveiligingseisen Beheersmaatregel
De eisen die verband houden met informatie­beveiliging moeten worden opgenomen in de eisen voor nieuwe informatiesystemen of voor uitbreidingen van bestaande informatiesystemen.
A.14.1.1.1 Zorgontvangers op unieke wijze identificeren Zorgspecifieke beheersmaatregel
Gezondheidsinformatiesystemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten:
  • a) zekerstellen dat elke cliënt op unieke wijze kan worden geïdentificeerd binnen het systeem;
  • b) in staat zijn dubbele of meerdere registraties samen te voegen indien wordt vastgesteld dat er onbedoeld meer registraties voor dezelfde cliënt zijn aangemaakt, of tijdens een medisch noodgeval.
A.14.1.1.2 Validatie van outputgegevens Zorgspecifieke beheersmaatregel
Gezondheidsinformatiesystemen die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten voorzien in persoonsidentificatie-informatie die zorgverleners helpt bevestigen dat de opgevraagde elektronische gezondheidsregistratie overeenkomt met de cliënt die wordt behandeld.
A.14.1.2 Toepassingen op openbare netwerken beveiligen Beheersmaatregel
Informatie die deel uitmaakt van uitvoeringsdiensten en die via openbare netwerken wordt uitgewisseld, moet worden beschermd tegen frauduleuze activiteiten, geschillen over contracten en onbevoegde openbaarmaking en wijziging.
A.14.1.3 Transacties van toepassingen beschermen Beheersmaatregel
Informatie die deel uitmaakt van transacties van toepassingen, moet worden beschermd ter voorkoming van onvolledige overdracht, foutieve routering, onbevoegd wijzigen van berichten, onbevoegd openbaar maken, onbevoegd vermenigvuldigen of afspelen.
A.14.1.3.1 Openbaar beschikbare gezondheidsinformatie Zorgspecifieke beheersmaatregel
Openbaar beschikbare gezondheidsinformatie (niet zijnde persoonlijke gezondheidsinformatie) moet worden gearchiveerd.
De integriteit van openbaar beschikbare gezondheids­informatie moet worden beschermd om onbevoegde wijzigingen te voorkomen.
De bron (auteurschap) van openbaar beschikbare gezondheidsinformatie moet worden vermeld en de integriteit ervan moet worden beschermd.
A.14.2 Beveiliging in ontwikkelings- en ondersteunende processen
Doelstelling: Bewerkstelligen dat informatiebeveiliging wordt ontworpen en geïmplementeerd binnen de ontwikkelingslevenscyclus van informatiesystemen.
A.14.2.1 Beleid voor beveiligd ontwikkelen Beheersmaatregel
Voor het ontwikkelen van software en systemen moeten regels worden vastgesteld en op ontwikkel­activiteiten binnen de organisatie worden toegepast.
A.14.2.2 Procedures voor wijzigingsbeheer met betrekking tot systemen Beheersmaatregel
Wijzigingen aan systemen binnen de levenscyclus van de ontwikkeling moeten worden beheerst door het gebruik van formele procedures voor wijzigingsbeheer.
A.14.2.3 Technische beoordeling van toepassingen na wijzigingen besturingsplatform Beheersmaatregel
Als besturingsplatforms zijn veranderd, moeten bedrijfskritische toepassingen worden beoordeeld en getest om te waarborgen dat er geen nadelige impact is op de activiteiten of de beveiliging van de organisatie.
A.14.2.4 Beperkingen op wijzigingen aan softwarepakketten Beheersmaatregel
Wijzigingen aan softwarepakketten moeten worden ontraden, beperkt tot noodzakelijke veranderingen en alle veranderingen moeten strikt worden gecontroleerd.
A.14.2.5 Principes voor engineering van beveiligde systemen Beheersmaatregel
Principes voor de engineering van beveiligde systemen moeten worden vastgesteld, gedocumenteerd, onderhouden en toegepast voor alle verrichtingen betreffende het implementeren van informatiesystemen.
A.14.2.6 Beveiligde ontwikkelomgeving Beheersmaatregel
Organisaties moeten beveiligde ontwikkelomgevingen vaststellen en passend beveiligen voor verrichtingen op het gebied van systeemontwikkeling en integratie die betrekking hebben op de gehele levenscyclus van de systeemontwikkeling.
A.14.2.7 Uitbestede softwareontwikkeling Beheersmaatregel
Uitbestede systeemontwikkeling moet onder supervisie staan van en worden gemonitord door de organisatie.
A.14.2.8 Testen van systeembeveiliging Beheersmaatregel
Tijdens ontwikkelactiviteiten moet de beveiligings­functionaliteit worden getest.
A.14.2.9 Systeemacceptatietests Beheersmaatregel
Voor nieuwe informatiesystemen, upgrades en nieuwe versies moeten programma’s voor het uitvoeren van acceptatietests en gerelateerde criteria worden vastgesteld.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten acceptatiecriteria vaststellen voor geplande nieuwe informatiesystemen, upgrades en nieuwe versies. Voorafgaand aan acceptatie moeten ze geschikte tests van het systeem uitvoeren.
A.14.3 Testgegevens
Doelstelling: Bescherming waarborgen van gegevens die voor het testen zijn gebruikt.
A.14.3.1 Bescherming van testgegevens Beheersmaatregel
Testgegevens moeten zorgvuldig worden gekozen, beschermd en gecontroleerd.
A.15 Leveranciersrelaties
A.15.1 Informatiebeveiliging in leveranciersrelaties
Doelstelling: De bescherming waarborgen van bedrijfsmiddelen van de organisatie die toegankelijk zijn voor leveranciers.
A.15.1.1 Informatiebeveiligingsbeleid voor leveranciersrelaties Beheersmaatregel
Met de leverancier moeten de informatie­beveiligingseisen om risico’s te verlagen die verband houden met de toegang van de leverancier tot de bedrijfsmiddelen van de organisatie, worden overeengekomen en gedocumenteerd.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die gezondheidsinformatie verwerken, moeten de risico's in verband met toegang door externe partijen tot deze systemen of gegevens die zij bevatten, beoordelen en vervolgens beveiligings­beheersmaatregelen implementeren die bij het geïdentificeerde risiconiveau en de toegepaste technologieën passen.
A.15.1.2 Opnemen van beveiligingsaspecten in leveranciersovereenkomsten Beheersmaatregel
Alle relevante informatiebeveiligingseisen moeten worden vastgesteld en overeengekomen met elke leverancier die toegang heeft tot IT-infrastructuur­elementen ten behoeve van de informatie van de organisatie, of deze verwerkt, opslaat, communiceert of biedt.
A.15.1.3 Toeleveringsketen van informatie- en communicatietechnologie Beheersmaatregel
Overeenkomsten met leveranciers moeten eisen bevatten die betrekking hebben op de informatie­beveiligingsrisico’s in verband met de toeleveringsketen van de diensten en producten op het gebied van informatie- en communicatie­technologie.
A.15.2 Beheer van dienstverlening van leveranciers
Doelstelling: Een overeengekomen niveau van informatiebeveiliging en dienstverlening in overeenstemming met de leveranciersovereenkomsten handhaven.
A.15.2.1 Monitoring en beoordeling van dienstverlening van leveranciers Beheersmaatregel
Organisaties moeten regelmatig de dienstverlening van leveranciers monitoren, beoordelen en auditen.
A.15.2.2 Beheer van veranderingen in dienstverlening van leveranciers Beheersmaatregel
Veranderingen in de dienstverlening van leveranciers, met inbegrip van handhaving en verbetering van bestaande beleidslijnen, procedures en beheers­maatregelen voor informatiebeveiliging, moeten worden beheerd, rekening houdend met de kritika­liteit van bedrijfsinformatie, betrokken systemen en processen en herbeoordeling van risico’s.
A.16 Beheer van informatiebeveiligingsincidenten
A.16.1 Beheer van informatiebeveiligingsincidenten en -verbeteringen
Doelstelling: Een consistente en doeltreffende aanpak bewerkstelligen van het beheer van informatie­beveiligingsincidenten, met inbegrip van communicatie over beveiligingsgebeurtenissen en zwakke plekken in de beveiliging.
A.16.1.1 Verantwoordelijkheden en procedures Beheersmaatregel
Directieverantwoordelijkheden en -procedures moeten worden vastgesteld om een snelle, doeltreffende en ordelijke respons op informatie­beveiligingsincidenten te bewerkstelligen.
A.16.1.2 Rapportage van informatie­beveiligings­gebeurtenissen Beheersmaatregel
Informatiebeveiligingsgebeurtenissen moeten zo snel mogelijk via de juiste leidinggevende niveaus worden gerapporteerd.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten verantwoordelijkheden en procedures met betrekking tot het managen van beveiligingsincidenten vaststellen:
  • a) om een doeltreffende en tijdige respons op informatiebeveiligingsincidenten te bewerkstelligen;
  • b) om te garanderen dat er een doeltreffend en geprioriteerd escalatiepad is voor incidenten zodat in de juiste omstandigheden en tijdig een beroep kan worden gedaan op plannen voor crisis­management en bedrijfscontinuïteits­management;
  • c) om incidentgerelateerde auditverslagen en ander relevant bewijs te verzamelen en in stand te houden.
Informatiebeveiligingsincidenten omvatten corruptie of onbedoelde openbaarmaking van persoonlijke gezondheidsinformatie of het niet langer beschikbaar zijn van gezondheidsinformatiesystemen waarbij dit niet beschikbaar zijn nadelige gevolgen heeft voor de zorg voor cliënten of bijdraagt aan nadelige klinische gebeurtenissen.
Organisaties moeten de cliënt altijd informeren als er per ongeluk persoonlijke gezondheidsinformatie openbaar is gemaakt.
Organisaties moeten de cliënt op de hoogte stellen als het niet beschikbaar zijn van gezondheidsinformatie­systemen negatieve gevolgen gehad kan hebben voor hun zorgverlening.
A.16.1.3 Rapportage van zwakke plekken in de informatiebeveiliging Beheersmaatregel
Van medewerkers en contractanten die gebruikmaken van de informatiesystemen en -diensten van de organisatie, moet worden geëist dat zij de in systemen of diensten waargenomen of vermeende zwakke plekken in de informatie­beveiliging registreren en rapporteren.
A.16.1.4 Beoordeling van en besluitvorming over informatie­beveiligings­gebeurtenissen Beheersmaatregel
Informatiebeveiligingsgebeurtenissen moeten worden beoordeeld en er moet worden geoordeeld of zij moeten worden geclassificeerd als informatiebeveiligingsincidenten.
A.16.1.5 Respons op informatie­beveiligingsincidenten Beheersmaatregel
Op informatiebeveiligingsincidenten moet worden gereageerd in overeenstemming met de gedocumenteerde procedures.
A.16.1.6 Lering uit informatie­beveiligingsincidenten Beheersmaatregel
Kennis die is verkregen door informatiebeveiligings­incidenten te analyseren en op te lossen, moet worden gebruikt om de waarschijnlijkheid of impact van toekomstige incidenten te verkleinen.
A.16.1.7 Verzamelen van bewijsmateriaal Beheersmaatregel
De organisatie moet procedures definiëren en toepassen voor het identificeren, verzamelen, verkrijgen en bewaren van informatie die als bewijs kan dienen.
A.17 Informatiebeveiligingsaspecten van bedrijfscontinuïteitsbeheer
A.17.1 Informatiebeveiligingscontinuïteit
Doelstelling: Informatiebeveiligingscontinuïteit moet worden ingebed in de systemen van het bedrijfscontinuïteitsbeheer van de organisatie.
A.17.1.1 Informatiebeveiligings­continuïteit plannen Beheersmaatregel
De organisatie moet haar eisen voor informatie­beveiliging en voor de continuïteit van het informatie­beveiligingsbeheer in ongunstige situaties, bijv. een crisis of een ramp, vaststellen.
A.17.1.2 Informatiebeveiligings­continuïteit implementeren Beheersmaatregel
De organisatie moet processen, procedures en beheersmaatregelen vaststellen, documenteren, implementeren en handhaven om het vereiste niveau van continuïteit voor informatiebeveiliging tijdens een ongunstige situatie te waarborgen.
A.17.1.3 Informatiebeveiligings­continuïteit verifiëren, beoordelen en evalueren Beheersmaatregel
De organisatie moet de ten behoeve van informatie­beveiligingscontinuïteit vastgestelde en geïmplementeerde beheersmaatregelen regelmatig verifiëren om te waarborgen dat ze deugdelijk en doeltreffend zijn tijdens ongunstige situaties.
A.17.2 Redundante componenten
Doelstelling: Beschikbaarheid van informatieverwerkende faciliteiten bewerkstelligen.
A.17.2.1 Beschikbaarheid van informatieverwerkende faciliteiten Beheersmaatregel
Informatieverwerkende faciliteiten moeten met voldoende redundantie worden geïmplementeerd om aan beschikbaarheidseisen te voldoen.
A.18 Naleving
A.18.1 Naleving van wettelijke en contractuele eisen
Doelstelling: Voorkomen van schendingen van wettelijke, statutaire, regelgevende of contractuele verplichtingen betreffende informatiebeveiliging en beveiligingseisen.
A.18.1.1 Vaststellen van toepasselijke wetgeving en contractuele eisen Beheersmaatregel
Alle relevante wettelijke statutaire, regelgevende, contractuele eisen en de aanpak van de organisatie om aan deze eisen te voldoen moeten voor elk informatiesysteem en de organisatie expliciet worden vastgesteld, gedocumenteerd en actueel gehouden.
A.18.1.2 Intellectuele-eigendomsrechten Beheersmaatregel
Om de naleving van wettelijke, regelgevende en contractuele eisen in verband met intellectuele-eigendomsrechten en het gebruik van eigendoms­softwareproducten te waarborgen moeten passende procedures worden geïmplementeerd.
A.18.1.3 Beschermen van registraties Beheersmaatregel
Registraties moeten in overeenstemming met wettelijke, regelgevende, contractuele en bedrijfseisen worden beschermd tegen verlies, vernietiging, vervalsing, onbevoegde toegang en onbevoegde vrijgave.
A.18.1.4 Privacy en bescherming van persoonsgegevens Beheersmaatregel
Privacy en bescherming van persoonsgegevens moeten, voor zover van toepassing, worden gewaarborgd in overeenstemming met relevante wet- en regelgeving.
Zorgspecifieke beheersmaatregel
Organisaties die persoonlijke gezondheidsinformatie verwerken, moeten de geïnformeerde toestemming van cliënten beheren.
Waar mogelijk moet geïnformeerde toestemming van cliënten worden verkregen voordat persoonlijke gezondheidsinformatie per e-mail, fax of telefonisch wordt gecommuniceerd of anderszins bekend wordt gemaakt aan partijen buiten de zorginstelling.
A.18.1.5 Voorschriften voor het gebruik van cryptografische beheersmaatregelen Beheersmaatregel
Cryptografische beheersmaatregelen moeten worden toegepast in overeenstemming met alle relevante overeenkomsten, wet- en regelgeving.
A.18.2 Informatiebeveiligingsbeoordelingen
Doelstelling: Verzekeren dat informatiebeveiliging wordt geïmplementeerd en uitgevoerd in overeenstemming met de beleidsregels en procedures van de organisatie.
A.18.2.1 Onafhankelijke beoordeling van informatiebeveiliging Beheersmaatregel
De aanpak van de organisatie ten aanzien van het beheer van informatiebeveiliging en de implementatie ervan (bijv. beheersdoelstellingen, beheersmaatregelen, beleidsregels, processen en procedures voor informatiebeveiliging) moeten onafhankelijk en met geplande tussenpozen of zodra zich belangrijke veranderingen voordoen, worden beoordeeld.
A.18.2.2 Naleving van beveiligingsbeleid en -normen Beheersmaatregel
De directie moet regelmatig de naleving van de informatieverwerking en -procedures binnen haar verantwoordelijkheidsgebied beoordelen aan de hand van de desbetreffende beleidsregels, normen en andere eisen betreffende beveiliging.
A.18.2.3 Beoordeling van technische naleving Beheersmaatregel
Informatiesystemen moeten regelmatig worden beoordeeld op naleving van de beleidsregels en normen van de organisatie voor informatiebeveiliging.